Vrijgesproken? Toch opnieuw vervolgen?!

Wetsvoorstel herziening ten nadele

Onlangs schaarde een meerderheid van de Tweede Kamer zich achter een wetsvoorstel waardoor het mogelijk wordt om in bepaalde gevallen een vrijgesproken verdachte opnieuw te vervolgen op het moment dat er nieuw bewijs is opgekomen. De reden voor het indienen van het wetsvoorstel was een dringend verzoek van het Openbaar Ministerie in Rotterdam dat vorig jaar bewijs in handen kreeg waarmee een eerder vrijgesproken verdachte van een overval alsnog voor moord had kunnen worden veroordeeld.

Het wetsvoorstel stuit met name in de advocatuur op kritiek. Dit heeft te maken met het zogenaamde “ne bis in idem”-beginsel dat is vastgelegd in artikel 68 Wetboek van Strafrecht en dat betekent dat iemand niet tweemaal strafrechtelijk mag worden vervolgd voor hetzelfde strafbare feit. Dit beginsel geldt echter niet voor gevallen waarin rechterlijke uitspraken voor herziening vatbaar zijn. Tot nu toe betekende dit enkel een herziening ten voordele van de veroordeelde. Met dit wetsvoorstel lijkt daar verandering in te komen en daarom wordt bij het nieuwe wetsvoorstel ook wel gesproken over “herziening ten nadele” van een verdachte.

Het vorige kabinet wilde een nieuwe vervolging na vrijspraak al regelen voor misdrijven waarop een levenslange gevangenisstraf staat en waarbij een dodelijk slachtoffer is gevallen. Minister Opstelten (van Veiligheid en Justitie) heeft het wetsvoorstel inmiddels uitgebreid, in die zin dat de Wet herziening ten nadele ook mogelijk wordt gemaakt voor doodslag, gewelds- en zedendelicten met dodelijke afloop. Wel moet er dan uiteraard sprake zijn van een novum in de vorm van belastend nieuw bewijs. Herziening ten nadele is echter niet mogelijk bij verjaarde strafbare feiten. Het kan dus enkel een rol spelen bij strafbare feiten waarbij de verjaringstermijn nog loopt.

Een strafrechtelijke procedure brengt vaak voor de verdachte en diens familie veel spanningen met zich mee. Er wordt toegeleefd naar een bepaalde eindzitting met daarop volgend de uitspraak waarna de verdachte de zaak kan verwerken en afsluiten. Wanneer politie en justitie telkens weer onderzoek kan (blijven) doen naar een bepaald strafbaar feit ondanks dat de verdachte daarvoor onherroepelijk is vrijgesproken, dan betekent dat een flinke aantasting van de rechtszekerheid. Hierdoor kunnen verdachten en hun familie naar verwachting een zaak na een einduitspraak toch niet goed afsluiten. Deze aantasting van de rechtszekerheid is ook een belangrijk punt van kritiek vanuit de strafrechtadvocatuur op het wetsvoorstel. Ondanks deze kritiek, heeft zoals gezegd, een meerderheid van de Tweede Kamer zich inmiddels toch voorstander getoond van het wetsvoorstel. Mochten er zich nog opmerkelijke ontwikkelingen rondom dit wetsvoorstel voordoen, dan zal ik er bij u op terugkomen.

20 december 2011

Mr K. van Mierlo

Van Zandvoort en Lauwen Advocaten Oss


Written by Kristen van Mierlo